Algemeen

Van het Loosduins Museum... VERMAAK

De vraag, waarmee vermaakten onze voorouders zich rondom 1850 voor zover zij vrije tijd en geld daarvoor hadden of vrijmaakten? Beide elementen waren schaars, er moest immers hard, langdurig gewerkt worden om de schamele kost te verdienen en hoe kon men zich af en toe eens verheffen uit de grauwe sleur van alle dag en de zorg voor het bestaan. Sport- en ontspanningsverenigingen waren er nog niet met uitzondering misschien van paardensport, welke dan ook wel voorbehouden zal zijn geweest aan de welgestelden op de buitenplaatsen. Dat gold uiteraard ook voor het maken van reizen over grotere afstanden. Velen kwamen hun gehele leven niet verder dan hun dorp, stad of streek. Familie werd alleen in de directe omgeving bezocht. Niet bekend is of er in die tijd verjaardagen werden gevierd en wat Sinterklaas betreft, werd in de ’s-Gravenhaagsche Nieuwsbode uit die tijd een klein gedichtje ter ere van de Sint afgedrukt, maar ja, wat hadden de mensen elkaar te geven van hun armoe?

Toch was Loosduinen niet geheel verstoken van enig georganiseerd vermaak, al vond dat ook maar eenmaal per jaar plaats, n.l. de Kermis. Deze werd gehouden in augustus, ‘te beginnen op den eersten Zondag en eindigen den Maandag na den tweeden Zondag in die maand’. Negen dagen feest dus in het dorp. De schoolkinderen kregen voor de kermis zelfs drie dagen vrij. Houders van kramen dienden ook toen al staangeld aan de gemeente te betalen. Die baten kregen dan weer een goed doel in de vorm van een gratificatie aan de veldwachters en een afdracht aan de beide Armbesturen. Een heleboel dingen waren tijdens de kermis verboden zoals ‘ het trekken van de paling’. Dat moet toen een volksvermaak zijn geweest. Daarbij werd levende paling aan een koord boven water opgehangen om vervolgens losgetrokken te worden waar bij welslagen een beloning tegenover stond. De boete bij overtreding bedroeg f.12.- , dat was veel geld voor die tijd. ‘De gemeene’ man deed het en de fatsoenlijke lui kwamen er naar kijken.’

Uit het naburige ’s-Gravenhage moest tijdens de kermis politie-assistentie komen omdat onze twee veldwachters oren, ogen en handen tekort kwamen. Als dan alles achter de rug was, was er in de kranten te lezen: ‘De Loosduinsche kermis is, uitgezonderd wat vecht- en snijpartijen, in de volmaakte orde afgelopen. Die vecht- en snijpartijen zullen wel het gevolg zijn geweest van overmatig drankgebruik in de plaatselijke kroegen die Loosduinen telde.. Afgezien van de rol die deze centra speelden tijdens het kermisgebeuren, vervulden deze in het leven van alle dag een maatschappelijke functie. Daar deed vanzelfsprekend het (dorps)nieuws van alle dag de ronde en zocht men daar verpozing. En natuurlijk ging men zich daar te buiten aan de sterke drank, veelal om de materiele armoe en daaraan gekoppelde problemen voor een moment te vergeten.

Aan te nemen is verder, dat de Loosduinse burgerij in de winter, wanneer de sloten en vaarten (anders dan nu) dichtgevroren waren, de schaatsen onderbond en wellicht wel lange tochten maakte om familie of vrienden die elders woonden, kosteloos te bezoeken. Maar nog wel op houten ‘doorlopers’.



DE KRANT VAN DEZE WEEK

POLL

Wat merkt u van de werkzaamheden aan de Kijkduin-Houtrust route?

Stemmen Bekijk resultaten

AGENDA